Vlaamse woningen worden steeds energiezuiniger!

categorie: energy | gepost op 26 march 2012

Evolutie gemiddeld E- en K-peil per aanvraagjaar van de stedenbouwkundige vergunning - Eengezinswoningen

 Eengezinswoningen worden jaar na jaar energiezuiniger. In de tabel is te zien dat het gemiddelde E- en K-peil van de nieuwe eengezinswoningen per aanvraagjaar telkens daalt.

Voor het aanvraagjaar 2006 was het gemiddelde E-peil E87. Woningen waarvan de vergunning werd aangevraagd in 2009 scoren veel beter, met een gemiddelde van E76. Voor woningen aangevraagd in 2010 ligt het gemiddelde E-peil zelfs nog 7 E-punten lager, namelijk op E69.

Dat zeer gunstige resultaat is ongetwijfeld gelinkt met de aanscherping van de maximale E-peileis van E100 naar E80 voor nieuwe woongebouwen, aangevraagd vanaf 1 januari 2010. Anderzijds is dat lage gemiddelde (momenteel nog) voorzichtig te interpreteren, want het resulteert uit een beperkte steekproef van ongeveer 2.000 EPB-aangiften.

Het gemiddelde K-peil daalt met 8 K-punten van K41 (aanvraagjaar 2006) naar K33 (aanvraagjaar 2010). Opnieuw voor 2010 is het belangrijk om de beperkte steekproef in het achterhoofd te houden. De maximumeis is voor alle aanvraagjaren K45. Die eis werd voor die jaren nog niet verstrengd. De verstrenging van het E-peil heeft dus ook een gunstige invloed gehad op het gerealiseerde K-peil. Dat geeft aan dat bij de realisatie van een betere energieprestatie ook ruime aandacht blijft gaan naar de gebouwschil.

Voor eengezinswoningen bedraagt de verbetering van het E-peil dus meer dan 20% (20,7%) en de verbetering van het K-peil bijna 20% (19,5%).

Evolutie gemiddeld E- en K-peil per aanvraagjaar van de stedenbouwkundige vergunning - Appartementen

 Ook in de appartementsbouw is een duidelijke evolutie naar lager E- en K-peilen aan de gang.

Het gemiddelde E-peil per aanvraagjaar liggen wel nog wat hoger dan bij de eengezinswoningen, maar het gemiddelde E-peil per appartement daalt in totaal ook 11 E-punten, namelijk van E86 (van aanvraagjaar 2006) naar E75 (van aanvraagjaar 2010). Opnieuw is het E-peil van 2010 met enige voorzichtigheid te bekijken, gezien de nog beperktere steekproef dan bij de woningen.

Het gemiddelde K-peil zakt op die vijf jaar tijd met 5 K-punten (van K39 naar K34).

Positieve trend naar betere thermische isolatie

De positieve trend naar betere energieprestaties wordt ook bevestigd door het cijfermateriaal van Essencia - InfoConstruct, een marketingbureau voor de bouwsector, dat verzameld werd tijdens bouwplaatsbezoeken in 2011. De bezochte bouwplaatsen waren geografisch verspreid over Vlaanderen, dus verspreid over de diverse provincies, maar ook verspreid over ongeveer de helft van de Vlaamse gemeenten.

De bovenstaande cijfers omvatten een vergelijking tussen 2011, 2009, 2007 en 2004. De gemiddelde dikte van de buitenmuurisolatie nam in 2011 ten opzichte van 2004 in Vlaanderen toe met 80,6% tot een dikte van 96,6 mm voor minerale wol en met 95,0% tot een dikte van gemiddeld 78,8 mm voor de andere isolatiematerialen dan minerale wol.

In de hellende daken nam de gemiddelde dikte van isolatie in 2011 ten opzichte van 2004 toe met 64,1%. In 2011 is de gemiddelde dikte van de hellende dakisolatie 186,9 mm. In 2004 was de gemiddelde dikte 113,9 mm.

In de platte daken nam de gemiddelde dikte van de isolatie in 2011 ten opzichte van 2004 toe met 52,7%. In 2011 werd gemiddeld 116,2 mm isolatie op de platte daken geplaatst. In 2004 was die 76,1 mm.

Uit de bezoeken op de bouwplaatsen in Vlaanderen blijkt ook dat de aanwezigheid van hoogrendementsbeglazing (met een U-waarde kleiner dan of gelijk aan 1,2 W/m²K) standaard is geworden in woongebouwen. In alle bezochte woongebouwen werd hoogrendementsbeglazing geplaatst.

Stijgende aandacht voor luchtdichtheid van de gebouwschil

Naast de toenemende aandacht voor de thermische isolatie van de gebouwschil, tonen de cijfers ook aan dat er meer en meer aandacht gaat naar de luchtdichtheid van de gebouwschil.

Luchtdicht bouwen is een efficiënte maatregel om de onbewuste ventilatieverliezen in gebouwen door spleten en kieren, te beperken. Om het luchtdicht bouwen te valideren in de EPB-aangifte, moet een luchtdichtheidstest worden uitgevoerd die aantoont dat het gebouw inderdaad meer luchtdicht is dan standaard wordt verondersteld.

In werkelijkheid hebben veel meer woongebouwen een betere luchtdichtheid dan de waarde bij ontstentenis. Maar een betere luchtdichtheid kan enkel worden gevalideerd na het uitvoeren van een test.

De grafiek toont per aanvraagjaar hoeveel procent van de EPB-aangiften een luchtdichtheidstest liet uitvoeren. Van de vergunningsaanvragen in 2006, liet amper 2% een test uitvoeren. Bij de aanvragen van 2010 werd de luchtdichtheid in 20% van de nieuwe woongebouwen getest.

 

 

Bron: Vlaams Energie Agentschap - www.energiesparen.be

Overzicht berichten

Vlaamse woningen worden steeds energiezuiniger!
26 march 2012
Bereikbaarheid
2 march 2012
Blowerdoor
10 february 2012

Wenst u meer informatie?

Neem dan snel contact op met ons!
Bel +32 (0)3 289 74 87 of stuur een bericht.